Well – Lith

Well – Boxmeer

28 december 2019

Vroeg uit de veren voor de nodeloze poging de kerst kilo’s eraf te lopen. De strijd tegen de kilo’s is een verloren strijd bij ons, hij duurt al jaren en zal nog wel jaren blijven duren. Van Well, waar we 16 mei 2019 zijn geëindigd, naar Boxmeer vandaag, 24 km. Het is koud. In Well heeft het gevroren.

Bomen en planten zitten onder de rijp en dat levert mooie plaatjes op. Het water in de Maas staat hoog. We lopen langs oude en nieuwe grint- en zandafgravingen. Artefacten in het landschap, omgetoverd tot recreatieplassen, die overstroomd worden door de Duitsers in de zomer. We drinken koffie bij Lucas. Familie van Lucas in Schiedam? Onwaarschijnlijk, vanwege de oubollige inrichting, ondanks dezelfde typografie. De eigenaar informeert ons over het ontstaan en gebruik van de plassen. Hij wijst ons de weg, die niet valt te missen omdat deze de Maas volgt. Met de pont steken we de Maas over voor de lieve som van € 1,80, een fractie goedkoper dan een auto! Aan de overkant lopen we de Maasheggen in. De naam refereert aan de sleedoorn- en meidoornheggen, die door de boeren werden onderhouden en dienden als natuurlijke afscheiding voor het vee. De heggen zitten volle doornen en zijn dicht begroeid. We zijn nu even in Noord Brabant waar, net als in Zuid Limburg, de tekenen van het naderend carnaval je niet kunnen ontgaan. De namen van de verenigingen zijn stuk voor stuk humoristisch.

Even loopt ons pad gelijk op met het Pieterpad en komen veel wandelaars ons nu tegemoet. Ze ploeteren, net als wij, door de modder. Als we de sluizen en stuwen van Sambeek, om de waterstand in de Maas te beheersen, zijn gepasseerd zien we Boxtel liggen, maar dan is het nog 3 km naar ons hotel.

De spieren zijn al stram en koud. De zon verwarmt ons niet meer. Verkleumd checken we in. De dame achter de bar vraagt of we wat willen drinken, maar we willen eerst douchen, daarna wat drinken. De kamer is ijskoud, maar de verwarming slaat snel aan en de douche is bloedheet. Mannen van Arriva hebben in de bar een  oudejaarsborrel, het bier vloeit rijkelijk. Wij nemen een skuumkop uit Texel en bestuderen het menu. Het eten is heerlijk, maar we hebben moeite om de ogen open te houden.

Boxmeer – Cuyk

29 december 2019

Het Maaspad brengt ons vandaag van Boxmeer naar Cuyk, ruim 23 km. Na een goede nachtrust, ondanks de feestende mannen van Arriva beneden, en een stevig ontbijt stappen we om half 10 ‘t Vertrek’ uit. Al snel laten we Boxmeer en zijn kasteel achter ons. Leuk plaatsje, Boxmeer, met een interessante geschiedenis, waarvoor wij echter geen tijd hebben vandaag. Het is laat licht en vroeg donker en voor ons liggen ruim 23 kilometers. Vannacht heeft het licht gevroren. De rijp levert alweer mooie plaatjes. Vanaf de dijk buiten Boxmeer zien we de Maas, waarna we naar het natuurgebied De Vilt lopen.

Voordat we het terrein in lopen passeren we een stalen varken, die de talrijke varkenshouderijen symboliseert die hier, voor de schaalvergroting, stonden. Op het water in De Vilt rusten tientallen watervogels. Te ver weg om vast te stellen welke precies. Omdat de bomen en struiken geen blad hebben zijn de zangvogeltjes ook zonder kijker te zien. Ik zie de winterkoning, roodborst, kool- en pimpelmees, vlaamse gaai, kraai, en heggemus. We passeren de woonboerderij van de auteur van het Maaspad, Nico Gerrits. Onderweg zien we ook nog de afdruk in het landschap, kaarsrechte spoordijken, van wat ooit een florende spoorlijn, het zogenaamde Duitse lijntje, was. Na de eerste wereldoorlog is de lijn, die Nederland verbond met Rusland, St-Petersburg, en zelfs tsaren heeft vervoerd, in verval geraakt. Zonder te pauzeren stappen we door naar Gennep voor een lunch, soep met een tosti en een glas ‘witte motor’, in Hotel De Kroon. Een leuke, klassieke zaak met uitzicht op het pittoreske stadhuis.

We zijn over de helft. De spieren zijn stram. Moeizaam komen we weer overeind. Even buiten Gennep trekken we over de Niers, een riviertje dat op de Maas uitkomt. Daarna lopen we langs een dode steenfabriek en de zoveelste, weinig verheffende recreatieplas De Mookerplas, waar louter Duits gesproken wordt. De plas is onooglijk, maar tot mijn verassing zie ik overduidelijk sporen van Bevers. Op het internet lees ik dat hier inderdaad twee burchten zijn. Gelukkig vaart de pont tussen Milsbeek en Cuyk vandaag ook. We waren onzeker omdat we nergens de vaartijden kunnen vinden en de kaart in het boekje is opgeknipt en niet duidelijk. In Cuijk lopen we in een rechte lijn naar het station voor de trein van 16:23 naar Venray. In Venray hebben we 3 minuten om over te stappen op de bus naar Well. We staan bij de halte, maar geen bus. Een andere buschauffeur zegt vrolijk ‘het busje komt zo’. Maar het busje laat op zich wachten. De chauffeur rijdt 2 x per uur op en neer van Venray naar Well, maar had geen diesel meer en moest tanken. Omdat hij geen tankpas had moest een collega die bij hem brengen, waardoor hij dus één ritje niet deed, net ons ritje. Als het busje dan uiteindelijk verschijnt stappen we verkleumd in en een kwartiertje later staan we bij onze auto. Zonder verder oponthoud rijden we naar huis.

Cuyk – Ravenstein

2 juli 2020

Vandaag pakken we het Maaspad weer op, 415 km van Eijsden, het zuidelijkste puntje van Limburg, naar Rockanje aan Zee. Verdeeld over 20 etappes en wij lopen vandaag de 11e, van Cuyk naar Ravenstein, een dikke 26 km.De auto parkeren we bij het station van Cuyk en na een kop koffie en een Bossche bol gaan we op pad, het is kwart over 11. Over de winterdijk van de Maas lopen we naar Katwijk, langs de Kraaienbergse plas, een fraaie waterberging voor als het water in de Maas stijgt. Na het pittoreske Grave volgen we de Hertogswetering tot de kerk van Velp, niet meer in gebruik als kerk maar nu als expositieruimte. Tegenover de kerk ligt het Kapucijnenklooster. Door het natuurgebied de Keent en over de brug over de afgegraven Oude Maas bereiken we Neerloon waar we onze laatste boterham opeten. In één rechte lijn lopen we naar de B&B ‘t Ravenhuus in Ravenstein, waar we een verkwikkende douche nemen en we fietsen mogen lenen om in het dorp bij ‘t Veerhuis te eten. We zijn moe, we hebben de laatste tijd wel veel gewandeld, maar eigenlijk nooit meer dan zo’n km of 15.

Ravenstein – Lith

3 juli 2020

Vandaag de 12e etappe van het Maaspad, 25,5 km van Ravenstein naar uiteindelijk Lith. We hadden bij Els van ‘vrienden op de fiets’ in Alphen een overnachting geregeld, maar in Alphen is er buiten het huis van Els niets, geen café, geen snackbar, geen restaurant, geen winkel, helemaal niets. We besluiten dus door te lopen naar Lith en bellen de locale B&B of er een kamer beschikbaar is. De B&B blijkt niet meer te bestaan, de familie is verhuisd naar Limburg. Daar staan we dan in Lith. Maar niet getreurd we nemen de bus naar Oss, daar zijn hotels genoeg en het is maar een minuut of 10, dan kunnen we morgen na het ontbijt weer terug met de bus naar Lith en doorwandelen naar Den Bosch. Echter, op zaterdag rijden hier geen bussen. Ja, wat doe je dan. We nemen de bus naar Oss, de trein naar Nijmegen, stappen over op de trein naar Cuyk en stappen in de daar geparkeerde auto. Na een korte stop bij van der Valk Cuijk voor een hapje rijden we terug naar huis.

Bijzonder is dat ze hier in de restaurants vragen of je gezond bent en of je de handen wil reinigen met handgel. Zelfs één keer werd naam en telefoonnummer gevraagd ingeval van contact onderzoek. Hoe anders dan bij ons in het westen!

De wandeling is grotendeels door het land van Maas en Waal, door uiterwaarden, over dijken en langs uitgestorven dorpjes met fraaie kerken. Wandelaars zien we nauwelijks, wel veel fietsers.