Eijsden – Venlo

5 juli 2017

Eijsden – Maastricht 

De Belgische boemel uit de jaren 60 van de vorige eeuw stopt stip op tijd, 1 minuut vóór 4 uur ’s middags in Eijsden. De treinreis verliep voorspoedig en was zeer comfortabel te noemen.

Bij café ‘De Greune Mèrt’ start het pad, 415 km naar Rockanje. We staan ingeschreven als deelnemer en hebben een voucher ontvangen voor 1 consumptie en 2 flesjes. Deze moeten we zelf vullen met Maaswater en in Rockanje in de zee legen. Water naar zee dragen dus. Het pad is verdeeld over 20 etappes. De GPS route hebben we gedownload van de site en brengt ons als eerste naar het Kasteel van Eijsden met een rijke historie. De beukenhaag en de laan naar de Maas zijn zeer fraai. De buitenplaats, een Rijksmonument, is goed onderhouden.

In ‘Oan ’t Bat’ ontvangen we onze flesjes. We drinken koffie, verse muntthee en eten rijstevlaai. Andere soorten vlaaien zijn uitverkocht. Ik heb moeite dat te begrijpen, hét exportproduct van Limburg. Het is tijd te vertrekken, het Vrijthof in Maastricht is ons doel. In het begin loopt het pad onverhard langs de Maas. Na iets meer dan 1 km moeten we de verharde weg volgen en later het fietspad. Een beetje irritant met al de racefietsers, pelotons die je tegemoet komen. Gelukkig lopen we na 1,2 km weer onverhard. Het water van de Maas maakt een smerige indruk. Je ziet ook niemand zwemmen, ondanks dat de zon volop schijnt en het bijna 28°C is. Dit deel van de Maas is afgedamd, vogel- en voedselrijk, vervuild, stilstaand water. We passeren diverse jachthavens, dan wel watersportverenigingen, campings en zelfs een vermaakcentrum, dat reclame maakt voor ‘een vakantie in één dag’. Het pad is niet gemarkeerd, de GPS komt dan ook goed van pas. Het wordt steeds drukker op het pad. We naderen Maastricht. In Maastricht zit de jeugd massaal in groepjes op het gras te genieten van de zwoele zomeravond. We passeren het Gouvernementsgebouw, zoals ze hier in Maastricht zeggen, het Bonefantenmuseum, waar het gezellig druk is op het terras, en steken over de Sint Servaasbrug de Maas over naar het centrum.

Het Vrijthof is verbouwd. Vanaf morgen treedt André Rieu hier op. Vanavond repeteert hij en worden er opnames gemaakt voor de Duitse tv. Ik sta met mijn rug naar hem toegekeerd, als hij mij voorbij loopt. Tientallen groupies op leeftijd schieten foto’s. We gaan door naar de ‘Hofnar’, tegenover de Sint Servaaskerk. Na een douche dwingen we onszelf toch op te staan; we zijn moe van de reis, de wandeling, de korte nachten van de afgelopen dagen, de hitte. Op het Vrijthof bieren we, terwijl André repeteert met koor en orkest. We besluiten spontaan, na een leuk terrasgesprek met fans van André, dit volgend jaar toch ook eens mee te willen maken. Om half 11 trekken we ons terug op onze kamer op de 3e verdieping. Bejaarden opbergen in de hemel zonder lift zou verboden moeten worden.

De ramen staan wijd open en in de verte hoor ik André en de zijnen, overstemd door het gesnurk van An.

6 juli 2017

Maastricht – Berg a/d Maas

We willen vroeg vertrekken, maar dat lukt niet. Het is half 10 als we de deur achter ons dicht trekken. We lopen de Sint Servaaskerk in en uit. Er wordt een Heilige Mis opgedragen. Met de GPS in de hand lopen we over de Markt, langs de haven en de oude Sphinx fabriek, die verbouwd wordt tot Student Hotel, Maastricht uit. Na de sluis in de Maas naar de Zuid Willemsvaart lopen we over het fietspad, door de buitenwijken van Maastricht. Een saai stuk, totdat we Smeermaas bereiken. We zijn nu in België. Het karakter van het land verandert. Hier bouwt men zijn eigen huis en drinkt men een pint op het terras, hier hebben ze respect voor de wandelaar. We lopen langs de Zuid Willemsvaart door Hochterbampd, een natuurgebied van 40 ha groot, met een plas ontstaan door grintafgraving, met daar omheen een ooibos. Het pad is hooggelegen, met aan weerszijden rode beuken en tussen het loof door mooie vergezichten op het Limburgse land. Het kanaal wordt druk bevaren, beroeps- en pleziervaart. Langs het jaagpad liggen tot woonboot omgebouwde aken. Na het natuurgebied blijven we op het fietspad, dat het kanaal volgt tot Oud Rekem. Hier buigen we af en lopen het mooiste dorp van Vlaanderen in. Mij valt het niet echt op, wel zie ik veel kroegen, grandcafé’s en restaurants op mooie locaties, zoals het grandcafé ‘Het oude Gerechtshof’, waar we koffie drinken, opnieuw zonder vlaai. Is het soms crisis in Limburg?

Het pad van Rekem door Maasmechelen en Vucht is saai en warm (30°C), op enkele kleine uitzonderingen na. Rechts van het pad is een immens grote aardbeienkwekerij, waar heel wat buitenlanders bezig zijn met plukken. Ook hier lang leve de illegaal.

Na Vucht wordt het pad heel mooi, verhard, dat wel, maar rustig met links en rechts natuur of akkerland. We komen steeds dichter bij de Maas. Boven ons hoofd pakken donderwolken samen. Net voor Vucht steken we een mooi aangelegde en ontworpen brug, tegelijk over het kanaal en de weg, over. In Vucht begint het te druppelen. We schuilen in een kinderopvang, doen de regenhoes over onze rugzakken, trekken de poncho’s over ons hoofd en gaan weer verder. Het water in de Maas staat laag. Er wordt gekano’d. In Leut hebben we onze poncho’s weer uitgedaan. We naderen de pont, die ons voor niets overzet. De tocht is van korte duur. De te overbruggen afstand is nog geen 40 meter.

We nemen onze intrek in Hotel Knoors. Na 3 fluitjes en een douche val ik uitgeput in slaap.

7 juli 2017

Berg a/d Maas – Stevensweert

Om 11 uur gingen we naar bed, om half 9 schrik ik wakker. Een goede nachtrust verkwikt. Het gevolg is dat we nog later vertrekken dan gisteren, kwart voor 10. De familie Knoors zwaait ons uit. De ontvangst was hartelijk, vader, moeder, dochter en zoon van middelbare leeftijd. Vader heeft een flinke bierbuik, was zijn hele leven kastelein in het dorp en maakt zich nu niet druk. Komt tijd, komt raad is zijn motto. Dochter is met haar man en 3 kinderen van 16, 19 en 23, bij pa en ma ingetrokken, nadat hun nering in België, eigendom van pa en ma, was onteigend en gesloopt. Ruim 26 jaar geschiedenis, lief en leed, in puin. Ze hadden een bar-hotel-restaurant. Ze hebben de kroeg en het hotel van pa en ma overgenomen en moeten opnieuw beginnen. Met de pont varen we weer terug naar de overkant, naar België. Vandaag is een wonderschone etappe. Helaas één artifact in het landschap, een grindafgraving. Een werk van 10 miljoen. Opbrengst van het grind (concessie) voor de aannemers? Resultaat: natuurbouw in de Maasvallei.

Twee aannemers, de Belg Libregts en de Hollander Van Mourik uit Groot Ammers. Het is mooi weer, warm, maar gelukkig staat er een verfrissende wind. Desondanks parelt het zweet op onze lichamen. We stappen stug door, lunchen met koffie en vlaai, eten onze krentenbol in Ohé en Laak, officieel het eindpunt van de 3e etappe, en bieren met bitterballen als we Stevensweert inlopen. Verder gaan we niet vandaag. Morgen nog zo’n 20 km. Bij aankomst in onze B&B duiken we het zwembad in. Na de verfrissende duik werk ik, onder het genot van een huiswijntje, het dagboek bij. We eten bij de buurman, kijken Flikken Rotterdam en gaan vroeg naar bed.

Vandaag overleed Tijn, 6 jaar oud. Hij werd bekend als het doodzieke kind dat bij Serious Request zijn nagels liet lakken. Zijn actie kreeg veel navolging. Gisteren overleed Jan, onze buurman, de 3e in 4, 5 weken tijd in ons appartementencomplex. Het afschuwelijke nieuws bereikte ons toen we op een bankje voor een kapelletje in Heppeneert zaten. Het nieuws wierp een schaduw over deze zonnige, warme dag.

An en ik beseffen ons eens te meer dat het leven nog kort is en dat je nu moet leven en niet moet uitstellen tot morgen.

8 juli 2017

Stevensweert – Roermond

In de tuin staan wijnranken. In de garage wordt de wijn gemaakt. De druiven worden geperst, het sap gegist, met schil voor de rode wijn, met schil maar niet langer dan 1 0f 2 dagen voor de rosé en zonder schil voor de witte wijn. Frans maakt ook champagne en likeuren. Glimmend van trots laat hij zien hoe hij te werk gaat. Hij is een vakman, zijn wijn prijswinnend. Hij is lid van een officiële Belgische club en een vriendenclub, die met elkaar tips en trucs delen en proeven. Gisteravond hebben wij zijn witte wijn geproefd, heerlijk. Op dit moment maakt hij in de kelder, waar de temperatuur constant rond de 17°C is, rode wijn en in de garage zijn beroemde rabarberchampagne.

Na de excursie gaan we op pad. Het is al na tienen. We steken de Oude Maas over. Het pad langs de rivier is overwoekerd met brandnetels, die tot de heup reiken. We keren onverrichterzake om. De spieren zijn stijf. Het is heet. Er staan geen zuchtje wind. Over de dijk, langs het kanaal, lopen we naar de sluizen van Maasbracht met een verval van 11,85 meter. Het complex bestaat uit 3 naast elkaar gelegen sluizen.

In Maasbracht drinken we koffie en moeten we alle moed bij elkaar rapen om weer op pad te gaan. Alles is stram. We lopen langs de in 2014 stilgelegde Clauscentrale van Essent. De koeltorens kun je van ver zien staan, maar er komt geen damp uit. We lopen langs de Maasplassen, die vandaag, zaterdag en mooi warm weer, druk bevaren worden. Veel boten zijn in het bezit van Duitsers.

Het is een mooi, afwisselend pad, alhoewel we daar door de warmte en de vermoeidheid weinig ook voor hebben. In Herten lunchen we, niet al te lang om te vermijden dat we ter plekke spontaan in slaap vallen. Vanaf Herten loop je door of langs bebouwing, veel villa’s met uitzicht over de plassen. Uiteindelijk staan we betrekkelijk snel op de Markt van Roermond. Recht tegenover de ‘bananenbokser’ vallen we neer op een terras. De bokser verkoopt 5 kg fruit voor € 5,–.

Nog 1 km moeten we lopen naar het station voor de trein van 16:38 naar Rotterdam CS, overstappen in Eindhoven. Helaas missen we de trein, maar An heeft wel enkele onvergetelijke foto’s van het station.

18 augustus 2017

Roermond – Beesel

Zullen we wel of zullen we niet? Twijfel slaat toe. De intentie was vrijdag en zaterdag te wandelen met een overnachting in Reuver, Hoeve Roozendaal. De Hoeve was vol en de weersvoorspelling droef, regen. We schuiven de beslissing voor ons uit. Pas vrijdagochtend besluiten we toch te gaan. We boeken een kleine kamer in Herberg De Bongerd in Beesel, voor een lieve som van € 93,–, inclusief ontbijt. We vertrekken laat. De etappe is kort, 14 km, maar ’s middags is de kans op regen kleiner. Van Schiedam naar Rotterdam rijden geen treinen. De trein van 11:13 naar Eindhoven valt uit vanwege een defect. Lang leve het spoor. Om half 2 zijn we in Roermond, drinken een kop koffie en gaan vol goede moed op stap. De lucht is grijs, donker grijs, zelfs zwart. De wind steekt op. Enkele druppels vallen, maar daar blijft het gelukkig bij. We boffen. We bereiken Beesel zonder kleerscheuren. De route is mooi. Langs het spoor, dat we diverse keren kruisen, en het te koop staande Karmelitessenklooster verlaten we Roermond. We passeren een immens oud papier verwerkingsbedrijf. We draaien het platteland op, op weg naar Asselt, een gehucht met een zorgboerderij, kerk en museum, gelegen aan de Maasplassen. Naast ons loopt de Swalm. De snelstromende beek ontspringt in Duitsland. Onderweg wordt ze gevoed door enkele kwelbronnen en natuurlijk regen. Ze mondt uit in de Maas ter hoogte van Rijkel. Ze is 45 km lang en meandert door het dal. Ze is de scheiding tussen de Maas en de Rijn. Het water staat hoog, door de hevige regenval eerder vandaag.

Voorbij Asselt is het pad deels onverhard en soms zo smal dat alleen wandelaars erop passen. Heel rustgevend. Geen tegemoetkomende fietsers. We zien de Maas. Groene- en rode boeien markeren de vaargeul. Vrachtschepen varen stoomop- en afwaarts. In de verte ligt Beesel. De spits van de kerk steekt uit boven de horizon. Als een poortwachter staat een oude Zaanse molen, gebouwd in 1614, verhuisd naar het drankendorp Beesel in 1890, verwoest tijdens de oorlog en uiteindelijk in de dorpskern afgebroken en naar de huidige plaats gebracht. Bij de begraafplaats verlaten we het pad, op zoek naar de herberg van het dorp van de draak, de draak die jaarlijks bestreden wordt.

Terwijl we uitbuiken van een heerlijk maal, onweert het en komt de regen met bakken uit de hemel.

19 augustus 2017

Beesel – Venlo

 Als we ons gekookte eitje opeten regent het. We haasten ons niet. Eenmaal op pad is het droog. Terwijl we het dorp verlaten genieten we van de kolossale kunst van een plaatselijke kunstenaar in zijn achtertuin. Het kleurt het dorp, maar is niet mijn ding. We zien de Maas liggen. Schepen varen af en aan. Door uitgestrekte fruitboomgaarden, kersen, appels, lopen we naar de veerpont Beesel-Kessel. De rit kost € 0,30 per persoon. Aan de overkant ligt het spectaculair gerestaureerde kasteel Keverberg. Wij lopen deels over een vlonder onderlangs. Via de Markt van Kessel lopen we het dorp uit.

Tijd om het kasteel te bezoeken gunnen we ons niet. Jammer, maar misschien moeten we nog maar eens terugkomen, met de fiets, tent en kano. Bij goed weer is het hier heerlijk toeven. Lange tijd lopen we verhard langs de Maas. Toch een mooi stuk. Het verandert als we de sluis Belfeld-Baarlo bereiken. Vanaf daar volgen we een onverhard jaagpad tot aan het veer Baarlo-Steyl. Onderweg drinken we koffie bij Hoeve de Middelt. Aan de overkant zien we het Missiehuis Sint Michael met zijn 2 karakteristieke torens liggen. Gesticht door een Duitser om de onderdrukking van de Rooms Katholieken te ontvluchten. Na de poort lopen we om het Missiehuis heen. De kloosters volgen elkaar op, want als we opnieuw door de uiterwaarden van de Maas lopen, zien we het Heilige Geestklooster van de slotzusters van Steyl liggen.

We hebben tot nu toe diverse objecten gepasseerd die de geschiedenis van het land vertellen, zoals bij de poort naar Kessel, het verhaal van de vergane pont in 1944, waarbij doden waren te betreuren, de extreem hoge waterstand in ‘98 en een gedenksteen voor een neergehaalde bommenwerper van de geallieerden. We lopen tot in Venlo door de uiterwaarden. De stad rukt op. De rand van de Maas is bebouwd met foeilelijke, moderne flats. De één is nog lelijker dan de ander, maar smaken verschillen. Als we onder de stadsbrug door zijn, kijken we uit op het nieuwe Venlo. Een glazen theater, een passantenhaven en stenige zitjes voor bewoners en bezoekers. Over de haven loopt een brug. Mij kan het niet bekoren, evenmin de buitenkunst. De binnenstad daarentegen is gezellig druk. Op de Markt, vóór het stadhuis, drinken we een biertje. Met de trein reizen we terug naar huis.